Even dacht ik dat het een verlate 1 aprilgrap was, maar dat bleek – helaas – niet zo te zijn. Volgens de nieuwe versie van de Algemene Nederlandse Spraakkunst, de ANS, is ‘groter als’ niet meer onjuist als het in een informele context wordt gebruikt. Bij Marcommit blijft geen spelfout onopgemerkt en ons slack-kanaal #onzetaal ging dan ook los toen we dit nieuws hoorden.

Gelukkig bleek het nieuws minder ernstig te zijn en gaat de ANS slechts over beschrijvende en niet voorschrijvende taal. ANS verwijst naar de website van Taaladvies waar staat: ‘Groter als komt ook vaak voor, zeker in gesproken taal, maar in verzorgde spreek- en schrijftaal is dat gebruik niet aan te raden.’ Afijn, dit betekent dat we fouten in ieder geval mogen blijven corrigeren. Bovendien vind ik het niet heel professioneel als in een vergadering met een klant ‘groter als’ of ‘ik zal het aan hun vragen’ gezegd wordt. Dit laatste is nog een van de versoepelingen die de ANS noemt, samen met de dubbele negatie, ‘hij heeft nooit geen geld’ (hier raak ik sowieso van in de war), of de verbuiging van bijwoorden, ‘een hele grote auto’.

Mijn grootste taalergernissen

Bovengenoemde taalfouten, die dus helaas niet altijd meer ‘fout’ zijn, zijn slechts een greep uit de taalergernissen van een grote groep Nederlanders. Gelukkig zijn er ook nog genoeg taalfouten die wél gewoon altijd fout zijn. Dit zijn er een aantal waar ik me behoorlijk aan erger (en nee, niet waar ik me aan irriteer) als ik ze tegenkom:

  • Me werk, jou laptop
    Dit vind ik toch zo hinderlijk: ‘me’ of ‘jou’ als bezittelijk voornaamwoord. Ik vraag me dan ook altijd af of mensen niet weten dat het ‘mijn’ en ‘jouw’ is of dat ze het simpelweg snel willen schrijven of typen.
  • Na kantoor, na aanleiding van
    ‘Na’ in plaats van ‘naar’, dat is pas naar. Als iemand bijvoorbeeld zegt ‘Ik ga na kantoor.’, dan klinkt het net alsof de zin nog niet af is: ‘Ik ga na kantoor…een uur sporten.’ Helaas is dit dan vaak niet het geval.
  • Doe is normaal
    Mensen die zeggen ‘Doe is normaal’, snappen denk ik zelf ook niet helemaal wat ze nou zeggen, want dit klopt natuurlijk niet. Doe zelf maar normaal. 😉

Maar eerlijk is eerlijk, ook ik ben schuldig aan taalgebruik waar sommige mensen zich aan ergeren. Ik betrap mezelf er bijvoorbeeld regelmatig op dat ik verkleinwoorden gebruik: ‘Ik ga nog een wasje draaien’ of ‘Zullen we vanavond een pastaatje eten?’ Daarnaast gebruik ik ook regelmatig Engelse woorden, hoewel ik ben opgevoed met de Nederlandse taal en geen Engelstalige vrienden of vriendinnen heb. Ook bij Marcommit hebben we hier een handje van. Denk aan woorden als bi-weekly, upsell en meetings. Bovendien zijn al onze functietitels in het Engels.

Zo maakt iedereen waarschijnlijk wel gebruik van taal op een manier die door anderen als storend wordt ervaren. Laten we dus niet al te streng zijn voor elkaar, maar laten we de Nederlandse taal ook niet verloederen met z’n allen. Niemand wil een tekst vol met spel- en grammaticafouten lezen. Als deze blog vol stond met fouten, had je waarschijnlijk ook niet tot hier gelezen. Mocht je nou nog hulp nodig hebben bij het schrijven van teksten, blogs of persberichten, dan helpen wij je hier uiteraard graag bij!

Deel dit artikel
Meer artikelen lezen?

Lees nu ook onze andere artikelen om op de hoogte te blijven.